Logo gemeente Logo
Herenweg 4 | 2211CC, Noordwijkerhout | t: 0252 343737 | e: gemeente@noordwijkerhout.nl
..............................Een aantal willekeurige foto's van de gemeente Noordwijkerhout
home > content > u bent hier

Middelen van Bestaan

Door de eeuwen heen waren de belangrijkste middelen van bestaan de landbouw, veeteelt en visserij. De Noordwijkerhouters hadden het in het algemeen niet royaal. Van de 1000 morgen land (1 Rijnlandse morgen was 8515 m²) bezaten de inwoners er in 1514 slechts 26,5 in eigendom, waarvan bovendien nog 13 morgen moerasland was. Het land dat aan de inwoners toebehoorde, was zo zwaar belast, dat er geen broodwinning in zat. De rest waren zogenaamde geestgronden. De boeren ondervonden veel last van de talrijke duinkonijnen, die zich te goed deden aan hun gewassen. (Een van de vier carnavalsverenigingen ontleende haar naam aan deze dieren. Zij noemt zich De Duinknijnen.) In de winterperiode hielden veel inwoners zich bezig met de schelpenvisserij. Anderen probeerden met stropen en strandjutten wat extra geld te verdienen. In de twintigste eeuw kwam de bollenteelt op, die tegenwoordig in belangrijke mate beeldbepalend is voor het landschap in Noordwijkerhout en omgeving.

Bollenteelt

Omstreeks 1904 werd op grote schaal begonnen met het afzanden van de binnenduinen. De afzanding betekende een verlies van onvervangbaar natuurschoon, maar er kwam wel meer welvaart. Het duinzand werd aanvankelijk vrijwel uitsluitend gebruikt voor het bouwrijp maken van bouwgrond bij naburige steden. Later werd het hoofdzakelijk gebruikt als grondstof voor de kalkzandsteenindustrie. De ondergrond bleek uitermate geschikt te zijn voor de cultuur van bloembollen. In de twee wereldoorlogen teelde men ook veel groenten. Op de vlakke afgegraven gronden kwam de bollenteelt op. Door omzetting van grasland in bollenland werd vanaf 1950 de oppervlakte aan bollenland in Noordwijkerhout bijna verdubbeld. Als gevolg van nieuwe methoden, zoals de omspuiting van grasland, kon de agrarische sector zich in Noordwijkerhout goed ontwikkelen. Toen het rendement van met name de veel kleinere bedrijven achterbleef bij de economische groei en door de mechanisatie het aantal arbeidsplaatsen terugliep, schakelden veel bollenkwekers over op meer winstgevende en ook meer arbeidsintensieve teelt van bloemen in kassen en warenhuizen. Ook houdt een aantal Noordwijkerhouters zich bezig met de handel in bloemen en het zogenaamde “bloemenrijden”. Deze bloemenrijders brengen hun bloemen naar de veiling voor m.n. de export of rijden naar de ons omringende landen.

De bollenteelt is de laatste jaren onder druk komen te staan als gevolg van ruimtegebrek. Er is voor gekozen om het bollencomplex voor de lange termijn te handhaven en te verbeteren.

Het bollenareaal bedroeg op 1 januari 2001 1.024 ha, terwijl Noordwijkerhout 2.342 ha groot is. Noordwijkerhout is daarmee het grootste bloembollendorp van de Bollenstreek. Op de communicatiemiddelen van de gemeente prijkt daarom het logo met drie tulpen en het motto "Hart van de Bollenstreek".

Psychiatrische instellingen

De vestiging van twee psychiatrische instellingen, St. Bavo in 1918 en Sancta Maria enkele jaren later, schiep ook werkgelegenheid voor veel Noordwijkerhouters. De opkomst van deze inrichtingen heeft de eerste stoot gegeven tot de openlegging van de tot dan toe vrij gesloten Noordwijkerhoutse gemeenschap. Door een veranderende visie op het terrein van de geestelijke gezondheidszorg neemt het belang van de psychiatrische instellingen “oude stijl” af. Dit veranderd denken is duidelijk merkbaar voor wat betreft de BAVO/RNO-groep en de Rijngeestgroep.